Nuphar’s 2012
Home Nieuws Blog Over ons De Barbet Alba Lotus Cait Tux Verzorging Pups Links De Barbet Kleur&Genetica
Samenvattend:
Het ras Rasstandaard
KLEURRIJK (aangepast vanuit een blog gepost op 21 januari 2012) Kleurrijk is een woord wat zeer toepasselijk is voor de Barbet. Ze zijn grappig, slim, lief, trouw en ze maken je elke dag aan het lachen. Tegenwoordig is het woord ook steeds toepasselijker aan het worden voor de vachtkleuren, nu er meer en meer zandkleurigen geboren worden. Eerlijk gezegd kan ik me niet druk maken over de kleur. Een hond kan voor mijn part paars met blauwe stipjes zijn. Als we even niet naar karakter en gezondheid kijken, is voor mij type nog altijd het belangrijkst. Dat kleur en type ook een relatie hebben is in veel rassen waar meerdere kleuren erkend zijn wel bekend en ik zie dat ook in de Barbets. De kleuren die we nu zien zijn zwart,  bruin en zand. De basisbeginselen van de genetica worden vaak uitgelegd aan de hand van de kleuren zwart en bruin. Voor deze genen wordt de letter B (en/of b) gebruikt. De zandkleurige honden zijn hoogstwaarschijnlijk ‘recessief rood’ of ‘geel’ zoals dat in de genetische terminologie genoemd wordt. Hiervoor wordt de letter E (en/of e) gebruikt. Een hond met genotype ee, is rood/geel. De kleur kan varieren van donkerrood tot abrikoos, tot een zandkleur of zelfs tot wat veel mensen wit zouden noemen (zo is de Zwitserse Witte Herder volgens zijn rasnaam zelfs wit, maar is ook dit genetisch een gele hond!). In sommige rassen gebruiken fokkers verschillende termen voor elke tint tussen donkerrood en wit, maar genetisch gezien zijn al deze honden ee. Het grappige met kleuren is dat wat wij aan de buitenkant kunnen zijn, niet altijd is wat er ook aan de binnenkant is. De buitenkant wordt fenotype genoemd. Wij zien dit:
Maar wat wij niet kunnen zien aan de binnenkant, genotype, kan iets meer zijn. Misschien zijn bovenstaande honden wel dit:
De gele kleur zou je kunnen zien al een extra ‘laag’, die over de basiskleur van de vacht (bruin of zwart) ligt. Dus een bruine of zwarte hond kan de geel-factor dragen, net als een gele hond genen draagt voor zwart en/of bruin.
Sleutel: BB = zwart, geen bruin gen Bb = zwart, draagt bruin gen bb = bruin, geen zwart gen Geel wordt geproduceerd door de aanwezigheid van een ressesief epistatisch gen die de zwarte of bruine genen kan maskeren. EE = geen geel gen Ee = geel drager maar toont zwart of bruin ee = geel
Dus... BBEE = Zwart BbEE = Zwart maar draagt bruin BBEe = Zwart maar draagt geel BbEe = Zwart maar draagt bruin en geel bbEE = Bruin bbEe = Bruin maar draagt geel BBee = Geel die geen bruin draagt Bbee = Geel die bruin draagt bbee = Geel met een bruine neus
Voor sommige honden is het makkelijk om te bepalen of gokken wat hun genotype is, of een deel van hun genotype. Een stamboom bekijken zegt vaak al heel wat. Voor andere honden, zal een kruising met een andere hond met een bepaald genotype uitsluitsel kunnen geven. Er zijn een heleboel verschillende mogelijkheden en uitkomsten. Om te zien wat er uit een bepaald combinatie kan komen, kies de fenotypes van de ouderdieren hieronder. De lijst met mogelijkheden komt in beeld. Als je op de link onder de combinatie klikt komen de resultaten tevoorschijn, inclusief de statistisch te verwachten verdeling van de kleuren van de nakomelingen.
Wat in het bovenstaande over kleuren niet meegenomen is, zijn de witte aftekeningen. Deze zijn namelijk geen kleur maar een patroon. Voor de witte aftekeningen zijn er 4 genen die samen de S-Serie’ genoemd worden. S staat voor ‘solid’ ofwel ‘eenkleur’. Honden met genotype SS zullen geen witte aftekeningen hebben, of hoogstens een heel klein plekje. Si is de afkorting voor Irish spotting, ofwel de standaard aftekeningen zoals we die zien bij bijvoorbeeld Collies. Sp is voor ‘piebald’ ofwel ‘gevlekt’, waar er meer wit is en het ook willekeurig over het lijf verdeeld is. Sw staat voor ‘extreme white piebald’ ofwel ‘extreem wit gevlekt’. Het lastige bij deze serie genen is dat ze ‘incompleet dominant’ zijn. Een combinatie van deze genen kan dus een weer wisselende hoeveelheid wit geven. Een paar ‘standaard’voorbeelden: SiSi geeft een ‘normaal’ patroon zoals bij Collies. Honden met een ‘mantel’ zoals Duitse Doggen, zijn SiSw. SwSw geeft vaak witte lichamen met gekleurde hoofden. Het is moeilijk te bepalen what het genotype is van een hond met witte aftekeningen. Zelfs in rassen waar de meeste honden fokzuiver (dus homozygoot) zijn zoals bij Collies, wordt er wel eens een bonte pup geboren tussen alle standaard Irish marked puppen, wat aangeeft dat minimaal 1 van de ouderdieren toch niet homozygoot is. Fenotypisch is makkelijker te bepalen. Het verschil tussen Irish marked en bont wordt gemaakt door het hebben van witte aftekeningen op het lijf, omgeven voor kleur. Een bonte hond wordt extreem bont genoemd als zijn lichaam wit is zonder gekleurde vlekken. Vaak wordt wel een vlek op de staart/staartaanzet gezien bij extreem bonten. Dan hebben we nog het G-gen, wat staat voor ‘Greying’ of wel vergrijzend. Het is een dominant gen wat zorgt dat honden over hun hele lijf grijzer worden naarmate ze ouder worden. Het heeft niet te maken met het grijs van ouder worden. De gepigmenteerde haren worden vervangen voor ongepigmenteerde haren. Bij de Barbet lijkt dit gen vooral invloed te hebben op de bruine honden. Nogmaals, voor mij is de kleur van een hond niet belangrijk. Wat ik wel leuk vind, is de puzzel die kleurengenetica geeft. Al het bovenstaande is wat ik geleerd heb en wat ik heb gevonden door zoeken en lezen. Dit is echter standaard kleurgenetica zoals die geld voor alle honden, van alle rassen, en voor veel andere zoogdieren. Ik ben bij lange na geen expert en kan ook nergens garanties op geven. Waren andere zaken, zoals erfelijke ziektes, maar zo makkelijk na te zoeken. Vooral polygenetische aandoeningen zoals epilepsie zijn een vloek voor elk ras. Wetenschappers ontdekken elke dag meer en wie weet, weten we ooit ook de genetische codes daarvoor!
Kleur&Genetica